Aangifte van grof arrestatiegeweld

Op woensdagmiddag 23 mei 2018 stond in de Rechtbank Den Haag een regiezitting gepland in het strafrechtelijk onderzoek tegen de verdachten van een gekwalificeerde diefstal en wederrechtelijke vrijheidsberoving. Namens zijn cliënt had Patrick van der Meij meer dan 20 onderzoekswensen ingediend die onder andere zagen op het grove politiegeweld dat voorafgaand, tijdens en kort na de aanhouding van zijn cliënt op hem en zijn medeverdachten is toegepast.

Arrestatiegeweld

Ondanks het rapport van de rijksrecherche is nog teveel onduidelijk over de omstandigheden waaronder en op grond waarvan de politie en het arrestatieteam zware vuurwapens hebben ingezet en vanaf grote afstand gericht op de wegrijdende verdachte hebben geschoten, met ernstige verwondingen tot gevolg, en waarom de verdachten zijn toegetakeld nadat zij geboeid op de grond lagen, aldus Van der Meij. De advocaten van de medeverdachten schaarden zich achter deze onderzoekswensen en vulden die aan, maar de officier van justitie vorderde vrijwel ongemotiveerd dat alle onderzoekswensen zouden worden afgewezen. Uiteindelijk velde de Rechtbank Den Haag het oordeel dat nagenoeg alle onderzoekswensen zouden worden ingewilligd. De zaak is nu verwezen naar de rechter-commissaris.

Beklagprocedure

Eerder had de cliënt van Van der Meij al aangifte gedaan tegen de betrokken politieagenten. Die aangifte werd begin januari 2018 door de officier van justitie geseponeerd. Inmiddels heeft Van der Meij een beklagprocedure ex art. 12 Sv opgestart.

mr. Patrick van der Meij
‹ Terug naar overzicht