Door Geert-Jan Kruizinga

De overheid heeft verschillende instrumenten om iemand, die de verkeersveiligheid in gevaar gebracht heeft, het besturen van een voertuig tijdelijk onmogelijk te maken. Omdat deze instrumenten verschillende juridische procedures kennen, die ook nog eens gelijktijdig kunnen lopen, zien veel mensen door de bomen het bos niet meer. Met het doel wat duidelijkheid te verschaffen in het woud van regels, zal ik hieronder kort weergeven welke maatregelen er genomen kunnen worden. En minstens zo belangrijk, hoe iemand er voor kan zorgen dat hij of zij het rijbewijs weer terug krijgt.

Politie / Openbaar Ministerie

De politie heeft op grond van de Wegenverkeerswet (WVW) de mogelijkheid om een rijbewijs in te vorderen. Dat kan op het moment dat de veiligheid op de weg ernstig in gevaar is gebracht. Denk hierbij bijvoorbeeld aan forse snelheidsovertredingen of een te hoog alcoholpromillage.

Rijbewijs ingevorderd | Cleerdin & Hamer advocaten

De politie moet het rijbewijs vervolgens naar de officier van justitie bij het CVOM, een afdeling van het Openbaar Ministerie die gespecialiseerd is verkeer en vervoer, sturen. De officier zal vervolgens binnen 10 dagen moeten beslissen of het rijbewijs voor langere tijd wordt ingehouden.

Langere inhouding rijbewijs

Als de officier besluit tot langere inhouding van het rijbewijs, wordt dit schriftelijk medegedeeld aan de houder van het rijbewijs. In die brief staat hoeveel maanden het rijbewijs wordt ingehouden en op welke datum de inhouding eindigt. Hoe lang dat precies is, zal vooral afhangen van de naar verwachting door de rechter op te leggen ontzegging van de rijbevoegdheid. Dit vanwege het voorlopige karakter van de inhouding van het rijbewijs door de officier van justitie.

Tegen de voorlopige beslissing van de officier kan een klaagschrift worden ingediend bij de rechtbank. Door middel van een klaagschrift kan de rechter gevraagd worden om de beslissing van de officier terug te draaien en het rijbewijs terug te geven, in afwachting van de afhandeling van de strafzaak.

De rechter

Want de strafzaak moet hoe dan ook afgedaan worden. Zoals gezegd is de beslissing van de officier om het rijbewijs in te houden slechts een tijdelijke. De rechter moet definitief bepalen of iemand schuldig is aan een verkeersdelict. En zo ja, welke straf daarvoor opgelegd wordt. In de meeste gevallen zal de verdachte dan ook worden gedagvaard voor een zitting bij de (politie)rechter.

De rechter kan als hij de verdachte schuldig bevindt een rijontzegging, OBM, Ontzegging van de Bevoegdheid tot het besturen van Motorrijtuigen genaamd, opleggen. De rechter kan er ook voor kiezen om de rijontzegging (deels) in voorwaardelijke vorm op te leggen. Dit betekent dat de rijontzegging niet van kracht is zolang de bestuurder zich aan de voorwaarde houdt dat hij niet opnieuw de fout in gaat. Een OBM ziet ook op het rijbewijs voor de bromfiets en/of brommobiel. Daarnaast kan de rechter een geldboete of een taakstraf opleggen.

Vervolging door officier van justitie

Tot slot is het sinds 2008 voor het Openbaar Ministerie mogelijk om strafzaken af te doen door middel van een strafbeschikking. Kort gezegd houdt dit in dat een verdachte voor een strafbaar feit kan worden vervolgd door een officier van justitie zonder tussenkomst van de strafrechter.

De verdachte zal dan worden uitgenodigd voor een zogenaamde OM-zitting. Een dergelijke zitting wordt voorgezeten door een officier van justitie (vaak via een videoverbinding) en vindt plaats binnen een informele setting. Tijdens deze zitting doet de officier van justitie de verdachte een voorstel waarmee de zaak kan worden afgedaan. Meestal behelst dit voorstel een rijontzegging in combinatie met een geldboete. Dit gebeurt in de vorm van een strafbeschikking. Het staat de verdachte vervolgens vrij te beslissen dit voorstel al dan niet te accepteren.

Aantekening op Justitiële Documentatie

Let wel, het accepteren van een strafbeschikking zorgt, net als een veroordeling door een rechter, tot een aantekening op de Justitiële Documentatie (het ‘strafblad’). Het is in die zin een schuldbekentenis. In het geval de verdachte het voorstel accepteert, is de zaak daarmee afgedaan en de voorgestelde straf definitief. Accepteert de verdachte het voorstel niet, zal de zaak alsnog worden voorgelegd aan de rechter. Een groot nadeel van OM-zittingen is dat de officier in tegenstelling tot de rechter niet de mogelijkheid heeft om een voorwaardelijke straf op te leggen. In sommige gevallen kan het dus lonen om het voorstel van het OM niet te accepteren en de zaak voor te laten komen op de rechtbank.

Het puntenrijbewijs

Voor alle bestuurders geldt dat zij een puntenrijbewijs hebben. Het puntenrijbewijs is dan ook wat anders dan het beginnersrijbewijs. Het puntenrijbewijs is bedoeld om rijden onder invloed tegen te gaan. Als iemand binnen 5 jaar 2 keer wordt veroordeeld of een strafbeschikking accepteert voor rijden met teveel alcohol op en bij de tweede keer meer dan 1,3 promille alcohol in het bloed had, raakt diegene zijn rijbewijs direct kwijt. Om een nieuw rijbewijs te krijgen moet er opnieuw rijexamen worden gedaan en moet de bestuurder aantonen dat hij rijgeschikt is.

De ongeldigverklaring treedt automatisch (“van rechtswege”) op. Dit betekent dat de rechter, noch het OM kan beslissen dat het rijbewijs toch geldig blijft. Er staat dan ook geen beroep open tegen de ongeldigverklaring.

Het CBR

Tot slot is het CBR bevoegd om maatregelen op te leggen als de verkeersveiligheid in het geding is. Het idee is dat het CBR de rijvaardigheid toetst en bij geschikte rijvaardigheid een vergunning tot rijbevoegdheid uitgeeft: het rijbewijs. Het CBR kan als er berichten zijn die aanleiding geven om iemands rijvaardigheid in twijfel te trekken, die vergunning intrekken of aan voorwaarden verbinden. Meestal komt een dergelijk bericht van de politie, bijvoorbeeld vanwege onveilig gedrag in het verkeer of omdat iemand is aangehouden onder invloed van alcohol of drugs. Het bericht kan ook zien op iemands medische situatie en kan dan ook van een arts komen.

Het CBR kan in dergelijke gevallen verschillende maatregelen treffen. Zo kan besloten worden een zogenaamde EMA (Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer) of een EMG (Educatieve Maatregel Gedrag en verkeer)op te leggen. Dit zijn cursussen om de bestuurder bewust te maken van de gevaren van zijn gedrag. Als de bestuurder de cursus volgt, blijft het rijbewijs geldig.

Onderzoek naar rijgeschiktheid

Ook kan het CBR een onderzoek naar de rijgeschiktheid opleggen. Een dergelijk onderzoek bestaat uit een lichamelijk en een geestelijk onderzoek, wat betekent dat zowel een arts als een psychiater de bestuurder moeten onderzoeken. Slechts als er op basis van dit onderzoek wordt geconcludeerd dat de bestuurder rijgeschikt is, wordt het rijbewijs weer geldig, tot die tijd mag de bestuurder niet rijden. Wordt geconcludeerd dat iemand niet rijgeschikt is, zal het rijbewijs ongeldig worden verklaard en kan de bestuurder zich na een jaar opnieuw laten onderzoeken. Tot die tijd blijft het rijbewijs ongeldig. Wel mag er op een bromfiets worden gereden, een rijbewijs voor de bromfiets en/of brommobiel (categorie AM) kan aangevraagd worden.

Het is van belang om te weten dat de besluiten van het CBR bestuursrechtelijk van aard zijn. Ze kunnen daarom tegelijkertijd van kracht zijn met de straf(fen) die zijn opgelegd door het OM of de rechter. Zo kan het voorkomen dat iemand zijn rijbewijs weer terugkrijgt van de rechter waarna het CBR besluit dat het rijbewijs ongeldig is tot iemand met goed gevolg is onderzocht naar zijn rijgeschiktheid.

Recente berichten