In een ontnemingsprocedure kan de rechter aan iemand die is veroordeeld voor een strafbaar feit de verplichting opleggen een geldbedrag aan de Staat te betalen ter ontneming van het vermeende wederrechtelijk verkregen voordeel. Dit is de zogenoemde ‘ontnemingsmaatregel’. Een veroordeling is een voorwaarde voor ontneming, maar onder bepaalde voorwaarden kan de maatregel ook worden opgelegd zonder dat een rechtstreeks verband bestaat tussen het strafbare feit waarop de veroordeling betrekking heeft en het vermoedelijk behaalde voordeel. Naast voordeel uit het feit waarvoor is veroordeeld kan op die manier ook voordeel uit (niet bewezen) andere strafbare feiten worden ontnomen.  De ontnemingsmaatregel heeft zo bezien een zeer ruim toepassingsbereik. Wederrechtelijk verkregen voordeel is de waarde waarmee het vermogen van de betrokkene als gevolg van het veronderstelde strafbare feit is toegenomen. Doel van het Openbaar Ministerie is de betrokkene terug te brengen naar de financiële positie zoals die was voordat het veronderstelde strafbare feit is gepleegd.

De ontnemingsprocedure is afgesplitst van de strafzaak, maar kan gelijktijdig met de strafzaak worden behandeld. Bij complexe vorderingen vindt veelal een aparte zitting plaats na de uitspraak in de strafzaak, vaak na een schriftelijke uitwisseling van standpunten tussen Openbaar Ministerie en verdediging. De basis voor het onderzoek van de rechter is een ontnemingsrapportage van het Openbaar Ministerie, waarin een schatting wordt gemaakt van het wederrechtelijk verkregen voordeel. Indien de betrokkene de ontnemingsvordering betwist, is het aan hem hiertoe goed onderbouwde argumenten aan te dragen. In dat geval dient te worden aangetoond dat het in de ontnemingsrapportage aangewezen vermogen wél uit legale activiteiten is verkregen of dat de berekening onjuist tot stand is gekomen. Tot aan de moment dat de rechter uitspraak doet, is het in voorkomende gevallen mogelijk een schikking te treffen met het Openbaar Ministerie.

Indien de rechter de ontnemingsvordering toewijst, bepaalt hij de hoogte van het wedderrechtelijk verkregen voordeel en wordt de betalingsverplichting vastgesteld. Onder omstandigheden kan de rechter het te betalen bedrag lager vaststellen dan het geschatte voordeel. Indien een strafbaar feit door meerdere personen is gepleegd, kan de rechter  bepalen dat de veroordeelde hoofdelijk aansprakelijk is en de gehele (gezamenlijke) betalingsverplichting op zich moet nemen. Tegen een uitspraak van de rechter in een ontnemingszaak kan onafhankelijk van de strafzaak hoger beroep en daaropvolgend cassatie worden ingesteld.

Het afpakken van wederrechtelijk verkregen voordeel is een belangrijke doelstelling en kerntaak van het Openbaar Ministerie. Tegen die achtergrond beoogt het Openbaar Ministerie in iedere strafzaak het vermoedelijk aanwezige wederrechtelijk verkregen voordeel te ontnemen. Slechts in uitzonderlijke situaties, bijvoorbeeld in het geval van zeer geringe financiële draagkracht (ook in de toekomst), wordt hiervan afgezien. Indien het Openbaar Ministerie voornemens is een ontnemingsvordering in te dienen, wordt veelal in een vroegtijdig stadium (conservatoir) beslag gelegd op vermogen en waardevolle goederen als huis, auto of sieraden van de betrokkene. 

Een eenmaal opgelegde ontnemingsmaatregel heeft vergaande consequenties. Er kan sprake zijn van een aanzienlijke betalingsverplichting, waarvan het maar de vraag is of de betrokkene daaraan kan voldoen. Indien de betrokkene hier niet aan kan voldoen, kan vervangende hechtenis worden opgelegd. Die hechtenis doet de betalingsverplichting niet vervallen, maar is uitsluitend bedoeld om de veroordeelde tot betaling te dwingen. 

Naast de strafrechtelijke ontnemingsprocedure, worden door het Openbaar Ministerie vaak nog andere mogelijkheden benut die in het kader van het afpakken kunnen worden geplaatst. Zo kan het Openbaar Ministerie civielrechtelijk de ontbinding van een rechtspersoon vorderen, indien die rechtspersoon zou zijn ingezet voor het verkrijgen van het wederrechtelijk voordeel. 

Gelet op de complexiteit van de ontnemingsprocedure, vanwege de verregaande consequenties van de ontneming en met het oog op het aanzienlijke belang bij een goed onderbouwd en gemotiveerde verweer ten aanzien van de ontnemingsvordering, verdient het aanbeveling in een vroegtijdig stadium contact op te nemen met een advocaat. Wij denken graag met u mee over vraagstukken dienaangaande.

Ondernemingsstrafrecht advocaten
  • Simeon Burmeister Strafrecht, Financieel-economisch strafrecht, TBS & Psychiatrisch patiëntenrecht
  • Robbert Jonk Strafrecht, Financieel-economisch strafrecht, Ontnemingsrecht & Uit- en overleveringsrecht
  • Patrick van der Meij Strafrecht, Financieel-economisch strafrecht & Ontnemingsrecht
  • Sabine Pijl Strafrecht, Financieel-economisch strafrecht & Uit- en overleveringsrecht
  • Melissa Slaghekke Strafrecht, Financieel Strafrecht, Jeugdstrafrecht, Uit- en overleveringsrecht
  • Maike Bouwman Strafrecht, Financieel-economisch strafrecht, Uit- en overleveringsrecht & Jeugdrecht